Terug naaar Tijdmachine

1756

Een orgel tegen het vals zingen

In de gereformeerde kerkdienst speelt het zingen van psalmen en liederen een belangrijke rol. Calvijn wilde dat de gemeente zong, liefst zonder begeleiding van een orgel, laat staan een ander instrument. Nu deed zich het probleem voor dat dit zingen in Oosterhout niet goed gaat. De gemeente is weinig ervaren in het zingen en zo groot dat de stem van de voorzanger er niet bovenuit komt. Er is, zo wordt in 1756 geschreven, sprake van ‘onstigtelijke verheffingen van stemmen’, dat wil zeggen: het klinkt vals. En dus willen de gereformeerden een orgel om de zang te ondersteunen. Trouwens, de katholieken hebben ook al een orgel. En elders in de Baronie, in Zundert, Ginneken en Princenhage hebben ze er ook al een. En dus komt er een orgel. Het is er nog, in de PKN-kerk van Oosterhout.